Eikon
Het
woord
'ikoon'
is
afgeleid
van
het
Griekse
woord
'eikon',
dat
afbeelding
betekent.
Het
woord
eikon
duidt
op
die
menselijke
voorstelling
als
weerspiegeling
van
de
eerder
waargenomen
werkelijkheid.
Ikonen
zijn
geschilderde
afbeeldingen
van
de
herinnering,
die
in
de
plaats
kwam
van
het
ware
beeld.
Omdat
het
moment
van
de
opstanding
van
Jezus
nooit
door
mensen
aanschouwd
is,
behoort
daarvan
volgens
de
Russisch-orthodoxe
traditie
geen
ikoon
te
worden
gemaakt.
Zulke
ikonen
bestaan
echter
wel,
maar
het
gaat
dan
om
door
het
westen
geïnspireerde
afbeeldingen
uit
later
eeuwen.
Andere,
wél
in
de
evangeliën
vermelde
feiten
kunnen
wel
in
ikonen
worden
afgebeeld,
bijvoorbeeld
de
mirredragende
vrouwen
aan
wie
de
engel
de
Verrijzenis
van
de
Heer
meedeelt
of
Petrus
bij
het
graf.
Ikonen
zijn
schilderingen
op
houten
panelen,
met
afbeeldingen
van
Christus,
de
Moeder
Gods,
Heiligen
en
gebeurtenissen
uit
de
bijbelse
boeken.

Moeder
Gods
van
Vladimir
De
betekenis van de ikonen
De
ikonen benadrukken de tijdloosheid van de liturgie. De verheerlijking van de Mensenzoon op de berg Thabor en in Hem van allen die in Hem geloven vormt de
kern van het verhaal van de ikonen en het geloofsbeleving van de Byzantijnse kerk. In de kerken van het
Christelijk Oosten nemen de ikonen een heel bijzondere plaats in. Op de
afscheidingswand voor het priesterkoor, de ikonostase, zijn de ikonen volgens
een vast schema gerangschikt. Temidden van de Heiligen hebben Christus, de
Moeder Gods en Johannes de Doper een vaste plaats. De ikonen verbeelden de
Hemelse werkelijkheid en helpen deze over te brengen aan de gelovigen, die
hiertoe gesteund en bijgestaan worden door Christus en alle Heiligen.
Ikonen
kunnen
gezien
worden
als
archetypische
beelden.
Archetypen
zijn
krachtige
beelden
die
zich
in
ons
collectieve
onbewuste
bevinden.
Collectief,
d.w.z.
dat
dit
geen
individuele
beelden
zijn,
maar
dat
dit
afbeeldingen,
mogelijkheden,
krachten
zijn
die
we
als
mens
in
ons
dragen.
De
inhouden
van
het
collectieve
onbewuste
worden
door
Jung
'archetypen'
genoemd.
Zie
voor
een
verdere
verdieping
hiervan
het
document:
Jung
en
de
archetypen.
Een
ikoon
is
niet
alleen
maar
een
beeld
of
portret,
maar
ook
een
‘deel
van
het
wezen’
van
wie
afgebeeld
is.
Een
ikoon
doet
een
afgebeelde
figuur
aanwezig
zijn
in
het
hier
en
nu.
Een
ikoon
is
bedoeld
als
gebedsmedium:
de
gelovige
ziet
en
bidt
-
woordloos
of
luistert
- en
wordt
gezien...
In
de
onverdeelde
kerk
van
vóór
1054
maakte
men
overal
gebruik
van
ikonen.
Nadat
het
Byzantijnse
rijk
uiteenviel
hielden
alleen
de
oosterse
kerken
de
ikonen
in
ere.
Ook
nu
nog
is
de
ikoon
in
alle
kerken
met
een
Byzantijnse
liturgie,
bijvoorbeeld
de
Russisch
en
Grieks
Orthodoxe
kerken
en
ook
een
aantal
Katholieke
kerken
een
structureel
onderdeel
van
de
viering
van
de
liturgie.
In
deze
kerken
worden
zowel
het
woord
als
het
beeld
als
openbarend
ervaren;
het
een
doet
er
dus
niet
onder
voor
het
ander.
Sinds
enkele
decennia,
staan
ikonen
in
het
westen
ook
in
niet-Byzantijnse
kerkgenootschappen
sterk
in
de
belangstelling
-
zowel
in
Katholieke
als
in
Protestante
gemeenschappen.
Ikonen
zijn
er
meestal
een
‘meditatief
concentratiepunt’.
Daarmee
worden
ze
anders
gebruikt
dan
in
Byzantijnse
kerken,
maar
niet
minder
gewaardeerd.
Misschien
geeft
juist
de
lijn
die
door
ikonen
loopt
(vanaf
het
begin
worden
de
oude
tekeningen
en
voorbeelden
steeds
weer
als
inspiratiebron
gebruikt)
een
mystieke
verbondenheid
weer
van
het
heden
met
het
verleden.

Moeder Gods Pokrof
Materialen
De
materialen
waarmee
de
ikonen
zijn
geschiderd
zijn
vertegenwoordigers
van
plantaardig
leven,
het
mineralenrijk
en
de
dierenwereld.
In
de
meest
zuivere
vorm
worden
ze
als
het
ware
weer
teruggegeven
in
een
aan
God
opgedragen
vorm.
Met
behulp
van
die
aardse
materialen
wordt
getracht
te
laten
zien
dat
er
niet
alleen
een
stoffelijke
wereld
bestaat.
Ikonen
geven
een
blik
op
een
andere
wereld,
waarin
alles
getransformeerd
is.
Omdat
volgens
de
traditie
ikonen
beelden
zijn
die
rechtstreeks
afstammen
van
het
oerbeeld,
mag
een
ikoonschilder
er
geen
‘eigen
schepping’
van
maken.
Er
zijn
afspraken
op
het
gebied
van
kleurgebruik,
compositie
en
te
gebruiken
materialen.
Binnen
de
beperkingen
van
deze
schilderkunst
is
het
echter
toch
mogelijk
geweest
dat
een
aantal
grote
kunstenaars
-
meestal
kloosterlingen
- in
het
verleden
indrukwekkende
ikonen
hebben
geschilderd
in
een
soort
eigen
handschrift.
Feitelijk
hebben
zij
toch
allemaal
iets
toegevoegd,
iets
wat
de
ikoon
juist
anders
maakte.
Ondanks
dat
ikonen
nooit
gesigneerd
worden,
is
het
is
vaak
mogelijk
aan
de
ikoon
de
schilder
of
schilderes
te
herkennen:
elke
ikoonschilder
schildert
zijn
of
haar
eigen
ikoon.
Daarnaast
zijn
er
ook
invloeden
op
te
merken
door
de
regio
waar
of
de
tijd
waarin
geschilderd
werd.

Tronende
Christus
Landschap
Het
landschap
in
ikonen
is
onaards.
Kenmerkend
is
dat
er
geen
perspectief
in
zit:
ze
bestaan
uit
platte
figuren
en
objecten.
Verder
is
er
geen
lichtbron
in
de
afbeelding.
Een
ikoon
is
tweedimensionaal;
de
reden
daarvan
is
dat
de
Russisch-orthodoxe
kerk
het
afbeelden
van
realistische
figuren
wilde
tegengaan
omdat
realistische
afbeeldingen
er
gemakkelijk
toe
kunnen
leiden
dat
de
afbeeldingen
zelf
object
zouden
kunnen
worden
van
aanbidding.
Een nog te schilderen ikoon
het tweedimensionale landschap stelt Kiëv voor, aan de rivier de Dnjepr
Er
is
geen
diepte,
geen
logisch
perspectief
en
bergen,
planten
en
gebouwen
zien
er
vreemd
uit
en
maten
zijn
maar
relatief.
Daarmee
wordt
aangegeven
dat
het
hier
niet
om
de
ons
bekende
werkelijkheid
gaat,
maar
om
een
getransformeerd
landschap.
Alles
en
iedereen
deelt
in
de
afglans
van
het
Christuslicht
en
daardoor
ziet
alles
er
anders
uit.
Onze
bekende
aardse
ruimte
en
tijd
bestaan
in
ikonen
niet.
Figuren
kunnen
verschillende
keren
in
dezelfde
ikoon
worden
afgebeeld
en
gebeurtenissen
kunnen
bij
elkaar
worden
gebracht.Ook
symboliek
spreekt
mee.
Bomen
zijn
geen
bomen,
maar
zijn
tekens
van
wederopbloei
of
geven
de
wortels
van
de
heilsgeschiedenis
aan.
De
rotsen
zijn
de
sporten
van
een
‘hemelse
ladder’
en
soms
‘buigen
de
bergen
hun
toppen
voor
de
Heer’.
Ikonen
kunnen
alleen
‘gelezen’
worden,
als
ze
worden
bezien
tegen
de
‘gouden
ondergrond’.
Die
gouden
ondergrond
wordt
altijd
als
eerste
aangebracht
-
het
symboliseert
de
aanwezigheid
van
Gods
Licht.In
dat
goud
wordt
het
silhouet
uitgesneden
van
aardse
figuren
of
gebeurtenissen.
Een
ikoonschilder
brengt
daarna
eerst
de
donkere
aardkleuren
aan
en
daarna
volgen
geleidelijk
de
lichtere
kleuren.
Die
lichtere
kleuren
staan
voor
de
afstraling
van
het
Licht
van
Christus.
En
omdat
de
kleuren,
door
het
vettige
eigeel
waarmee
ze
zijn
opgebracht,
op
elkaar
inwerken,
ontstaan
op
den
duur
nieuwe
kleuren:
de
onder-
en
bovenlagen
komen
tot
eenheid...
Men
zegt
wel
dat
ikonen
niet
met
verf
maar
met
licht
geschilderd
worden.
In
de
Byzantijnse
traditie
wordt
dat
licht
beschouwd
als
een
van
Gods
uitingen.
Alle
figuren
op
de
ikonen
stralen
dat
licht
uit.
Alles
en
iedereen
deelt
in
dat
licht.
Een
ikoon
nodigt
uit
om
dat
licht
te
bereiken.

Christus
Pantocrator
Het
was
vroeger
gewoonte
om
een
afbeelding
van
de
gestorvene
op
de
doodskist
te
leggen.
Daarop
was
iets
te
zien
van
de
andere
werkelijkheid
waarin
de
doden
naar
het
geloof
van
die
mensen
leefden.Dat
blijkt
vooral
uit
de
blik
van
hun
ogen.
Die
zien
een
andere
werkelijkheid
dan
de
alledaagse.
Soms
lijkt
het
ook
alsof
ze
bij
zichzelf
naar
binnen
kijken.
Dat
willen
ikonen
ook
afbeelden.
Er
bestaan
dan
ook
alleen
maar
afbeeldingen
van
gestorven
christenen
op
ikonen.
Ikonen
zijn
via
een
'opstapje'
naar
de
afgebeelde
persoon
een
doorkijkje
naar
God.
Iedere
keer
dat
men
zich
tot
God
wendt
doet
men
dat
ten
overstaan
van
de
Ikoon.
Vaak
wordt
gezegd
dat
het
'vensters
op
de
eeuwigheid'
zijn.
Ze
lijken
boven
tijd
en
ruimte
te
staan.
In
elk
geval
zijn
het
afbeeldingen
die
de
afstand
tussen
de
heiligen
en
de
gelovigen
van
nu
trachten
te
verkleinen.
Kunst-
of
antiekwaarde
zijn
maar
afgeleid.
De
ware
bestaansreden
van
een
ikoon
is
het
gebed.
Dat
is
de
reden
waarom
de
Ikonen
als
kostbaar
bezit
worden
overgedragen
van
generatie
op
generatie.
Dat
verklaart
ook
waarom
gelovigen
uit
de
Oosterse
Orthodoxe
kerk
zo
vol
eerbied
met
ikonen
omgaan.

Petrus
Beeldtaal
Bij
het
omgaan
met
ikonen
gaat
het
er
allereerst
om
iets
van
de
beeldtaal
te
leren
verstaan.
Dan
krijg
je
antwoord
op
allerlei
vragen.
Maar
het
gaat
om
meer.
Als
wij
de
taal
van
ikonen
leren
verstaan
dan
krijgen
wij
antwoorden
die
voor
iedereen
geldig
zijn.
Die
kun
je
vinden
in
allerlei
boeken.
Er
is
geen
schaduw
op
ikonen,
omdat
ze
iets
willen
weergeven
waarbij
'de
zon
en
de
maan
niet
van
node
zijn'.
Het
leren
van
zo'n
(teken)taal
is
een
bepaalde
manier
van
kennen.
Het
is
een
andere
kennis
dan
het
kennen
van
een verkeersbord
of
van
woorden
van
een
vreemde
taal.
Wij
noemen
dat
'hartekennis'.
Een
persoonlijke
omgang
is
daarvoor
onmisbaar.
In
de
omgang
met
ikonen
gaat
het
vooral
om
hartekennis.
Hoe
kom
je
aan
die
kennis?
Door
vaak
naar
ikonen
te
kijken.
En
door
vragen
als:
'Hoe
oud
is
die
ikoon?'
en
'Waar
komt
die
vandaan?'
te
laten
rusten.
Kortom,
het
vragen
over
de
ikoon
zal
bij
een
diepere
ontmoeting
overgaan
in
luisteren.
Dan
klinken
er
andere
vragen
als:
"Wat
roept
deze
ikoon
in
mij
op?',
'Wat
heeft
deze
ikoon
mij
te
zeggen
in
mijn
persoonlijk
leven?'
en
'Wat
vraagt
deze
ikoon
aan
mij?'

Johannes
Geschiedenis
-
Eerste
eeuwen
Tot
ongeveer
300
is
het
christelijk
geloof
binnen
het
gebied
waar
het
ontstaat
-
het
Romeinse
rijk
-
een
verboden
religie.
In
de
catacomben,
waar
christenen
hun
doden
begraven
in
afwachting
van
de
wederopstanding,
worden
afbeeldingsthema's
gebruikt
van
oudere
herkomst.
Het
oud
Egyptische
symbool
van
de
opstanding,
de
vis,
wordt
bijvoorbeeld
samen
met
het
brood
een
christelijk
herkenningsteken.
Byzantium
In
313
na
Chr.
werd
het
christendom
staatsgodsdienst.
Er
waren
veel
christenen
die
niet
lezen
of
schrijven
konden.
Daarom
ging
men
over
tot
zichtbare
weergave
van
bijbelverhalen.
Er
kwam
langzamerhand
ook
een
andere
vormgeving
op
de
muurschilderingen
en
mozaïeken,
die
wij
later
op
ikonen
terugvinden.
Tussen
de
weergave
van
personen
op
ikonen
en
op
muurschilderingen
in
de
Oosterse
kerken
bestaat
geen
verschil.
Het
voordeel
van
ikonen
was
dat
zij
op
houten
panelen
zijn
geschilderd
en
die
panelen
kunnen
worden
gedragen
en
verplaatst.
Hoewel
er
sinds
650
een
ingrijpend
conflict
ontstond
over
de
vraag
of
deze
zichtbare
afbeeldingen
van
bijbelse
personen
wel
mogen,
werd
de
strijd
in
787
beëindigd.
Tijdens
de
periode
van
het
Ikonoklasme
werden
ontelbare
ikonen
vernietigd
door
gelovigen
die
vinden
dat
volgens
bijbels
voorschrift
geen
afbeeldingen
mogen
worden
gemaakt
en
aanbeden.
Na
bijna
150
jaar
discussie
winnen
de
voorstanders
van
het
maken
van
afbeeldingen,
maar
er
wordt
afgesproken
dat
alleen
wordt
afgebeeld
wat
door
mensenogen
gezien
is
(of
beschreven)
en
dat
de
eer
die
een
ikoon
gebracht
wordt,
overgaat
op
de
afgebeelde
persoon.
Latere
ikonen
moeten
dus
lijken
op
hun
voorgangers,
anders
zijn
ze
voor
de
gelovigen
niet
meer
herkenbaar.

Moeder
Gods
van
Tederheid
(onlangs
in
Nederland
geschilderd)
Na
843
verspreidt
het
christendom
zich
verder
over
Europa
en
West-Azië.
Pelgrims
zorgen
voor
verspreiding
van
de
afbeeldingen.
En
omdat
Byzantium
steeds
kleiner
wordt
door
aanvallen
van
buitenaf,
zorgen
ook
de
vluchtende
gelovigen
en
kunstenaars
ervoor
dat
de
ikoonthema's
in
andere
landen
bekend
worden.
In
1054
splitst
de
kerk
zich.
Het
westen
ontwikkelt
daarna
een
nieuwere
liturgie,
het
oosten,
met
als
centrum
Constantinopel
(het
huidige
Istanboel)
houdt
zich
aan
de
oude
overleveringen
en
bewaart
de
ikonen.
Rusland
Rusland
wordt
in
988
gekerstend
en
ontwikkelt
zich
daarna
snel.
Als
in
1453
Constantinopel
valt
voor
de
Turken,
neemt
het
de
leidende
rol
in
de
ikonografie
over.
De
Russische
invloed
is
zichtbaar
in
de
hoge
ikonostase,
de
beeldenwand
die
in
de
kerk
tussen
de
gelovigen
en
het
altaar
staat.
De
ikonen
op
deze
wand
geven
de
richting
aan
waarin
de
gelovigen
zich
zouden
moeten
ontwikkelen:
het
is
een
verbinding
tussen
het
schip
(de
gelovigen,
de
aarde)
en
de
hemel
(de
altaarruimte
achter
de
ikonostase).
De
bloeiperiode
van
de
Russische
ikonen
valt
in
de
15e
en
16e
eeuw.

Ikonostasis
(wand
met
ikonen)
De
deur
naar
de
altaarruimte
staat
open
vanwege
pasen
In
de
Russisch-orthodoxe
kerk
werden
deze
tabletka
(handgeschilderde
miniatuurvoorstellingen)
gebruikt
voor
godsdienstige
lessen
en
schriftuitleg.
Er
waren
vele
verschillende
scholen
van
ikoonschilderen,
met
evenzo
vele
stijlen.
Bekend
is
de
school
van
de
rijke
Stroganov-familie,
waarin
de
schoonheid
van
de
Perzische
miniatuur
werd
gecombineerd
met
de
bekende
onderwerpen
en
figuren
van
de
ikonentraditie.
De
Stroganov-stijl
heeft
later
de
vernisschilders
(techniek
waarbij
de
ikoonafbeelding
werd
voltooid
door
deze
te
beschermen
met
een
laagje
vernis)
Palekh
en
Kholuy
beïnvloed.

Sint
Joris
en
de
draak
-
gekocht
in
Kiëv
Zo
kregen
de
ikonen
ook
kunstwaarde
-
het
gebruik
van
goud
wordt
statussymbool.
Er
ontstaan
nieuwe
thema's
met
ingewikkelde
structuren.
Uitleg
blijkt
steeds
meer
noodzakelijk
en
het
begrip
van
hoe
er
vroeger
gewerkt
werd
verdwijnt.
Omdat
ikonen
door
de
olielaag
waarmee
ze
afgewerkt
worden
sterk
nadonkeren,
is
het
gebruikelijk
dat
na
een
of
twee
eeuwen
zo'n
ikoon
wordt
overgeschilderd.
Daardoor
bleef
men
onbekend
met
oudere
ikoontechnieken:
die
waren
onzichtbaar.
In
de
negentiende
eeuw
volgt
slechts
de
kleine
groep
van
Oudrituelen
de
oude
ikoonschilderregels
nog
na.
Keerpunt
is
het
begin
van
de
twintigste
eeuw,
waar
door
de
ontdekking
van
restauratietechnieken
de
kans
ontstaat
onder
de
latere
overschilderingen
te
kijken.
Oude
ikonen
worden
schoongemaakt
en
de
studie
naar
de
oude
thema's
en
schilderprocessen
begint.
Tegenwoordig
worden
er
nog
steeds
ikonen
geschilderd.
Nieuwe
ikonen
worden
weer
volgens
de
oude
overleveringen
geschilderd:
sober
van
compositie
en
helder
van
kleur.
Ook
nieuwe
ikonen
kunnen
voldoen
aan
hun
'opdracht':
het
verkondigen
van
Gods
woord
en
het
present
stellen
van
wie
afgebeeld
is.
Pagina
1
Pagina
2
Bronnen:
'Omgaan
met
ikonen'
'Iconen',
G.
Babic
Website
Stichting
Eikonikon
2002