.

 

 

In Nederland wordt per jaar bij ongeveer 350 mensen borstvlieskanker vastgesteld, vooral bij mannen. De komende jaren is nog een toename te verwachten. De medische naam voor de ziekte is mesothelioom. Sommige mensen gebruiken de term 'longvlieskanker'. Bij een klein aantal patiënten (5 tot 10%) zit de ziekte niet in het borstvlies, maar in het buikvlies (periotoneum) of hartzakje (pericard).

Een borstvliestumor kan verschillende klachten veroorzaken. Kleine afwijkingen aan de borstvliezen geven meestal geen klachten. De klachten ontstaan pas wanneer de tumor groter wordt of als er overmatig vocht tussen de vliezen ontstaat. Dit laatste komt bij de meeste borstvliestumoren voor. Soms wordt borstvlieskanker bij toeval op een röntgenfoto ontdekt.

De meest voorkomende klachten zijn:
- Kortademigheid als gevolg van vochtophoping tussen ribvlies en longvlies.
-Vermagering.
-Een algeheel gevoel van lusteloosheid, vaak in combinatie met (vermoeidheid).
- Het moeilijker bewegen van een borsthelft.

Er kunnen zich ook andere klachten voordoen. Deze zijn afhankelijk van de plaats van de tumor en het eventueel doorgroeien naar andere weefsels of organen.
Klachten die hierdoor kunnen ontstaan zijn:
- Veel hoesten
- Een zwelling op de borstkas: deze wordt veroorzaakt doordat de tumor tussen de ribben groeit.
- Moeilijkheden met slikken: dit kan komen doordat de tumor op de slokdarm drukt.

Wanneer er geen sprake is van vochtophoping tussen de borstvliezen kan de borstkas platter worden en scheef gaan staan. Hierdoor komt de ene schouder lager te staan dan de andere. Bij veel patiënten treedt een verslechtering van de algehele conditie op. Dit gaat gepaard met toenemende vermoeidheid, een slechte eetlust en gewichtsverlies.

Oorzaken
Er is een duidelijk verband aangetoond tussen blootstelling aan asbest en het ontstaan van borstvlieskanker. Asbest bestaat uit heel fijne vezels. Deze kunnen bij inademing in de longen achterblijven en vanuit het longweefsel in het borstvlies terechtkomen. Hierdoor kan zich vervolgens borstvlieskanker ontwikkelen.

Er zijn verschillende soorten asbest: wit (chrysotiel), blauw (crocidoliet) en bruin (amosiet). Alle soorten asbest kunnen leiden tot borstvlieskanker. Het risico hierop is het grootst bij blootstelling aan blauw asbest.

De meeste mensen met borstvlieskanker hebben langdurig en intensief blootgestaan aan asbest, maar dit geldt niet voor iedereen. De tijdsduur tussen het contact met asbest en de ontwikkeling van borstvlieskanker is zeer lang en kan variëren van tien tot veertig jaar.

Borstvlieskanker wordt als een beroepsziekte gezien. Veel patiënten hebben deze ziekte opgelopen in hun werk door blootstelling aan asbest. Zij hebben bijvoorbeeld op een scheepswerf gewerkt, in de bouw of als electro-, verwarmings- of automonteur. Als het gaat om beroepsmatige blootstelling aan asbest is het mogelijk om een schadevergoeding aan te vragen. Het Instituut Asbestslachtoffers (IAS) bemiddelt bij een dergelijke schadeclaim . Tussen roken en borstvlieskanker is geen relatie aangetoond.

Niet besmettelijk
Borstvlieskanker is evenals alle andere soorten kanker niet besmettelijk. Dus ook het slijm dat iemand met deze soort kanker ophoest, vormt geen enkel risico voor andere mensen. Ook is borstvlieskanker niet erfelijk.

Als u met een of meer van de hiervoor genoemde klachten bij uw huisarts komt, zal deze u eerst lichamelijk onderzoeken.

Ook kan hij het noodzakelijk achten om een longfoto te laten maken. Als uw huisarts aanwijzingen heeft dat er sprake kan zijn van borstvlieskanker, zal hij u verwijzen naar een specialist. Deze kan u uitgebreider onderzoeken. Hierna kunt u meer lezen over de onderzoeken die kunnen plaatsvinden.

CT-scan (computertomografie)
Een computertomograaf is een apparaat waarmee organen en/of weefsels zeer gedetailleerd in beeld worden gebracht. Bij het maken van een CT-scan wordt gelijktijdig gebruikgemaakt van röntgenstraling en een computer.

Het apparaat heeft een ronde opening waar u, liggend op een beweegbare tafel, doorheen wordt geschoven. Terwijl de tafel verschuift, maakt het apparaat een serie foto's waarop telkens een ander 'plakje' van het orgaan of weefsel staat afgebeeld. Deze 'doorsneden' geven een beeld van de plaats, grootte en uitbreiding van de (mogelijke) tumor en/of uitzaaiingen.


Vaak is een contrastvloeistof nodig. Meestal krijgt u deze vloeistof tijdens het onderzoek in een bloedvat van uw arm gespoten. Contrastvloeistof kan een warm en weeïg gevoel veroorzaken. Sommige mensen worden er een beetje misselijk van. Om ervoor te zorgen dat u hier zo min mogelijk last van heeft, is het advies enkele uren voor het onderzoek niet te eten en te drinken.

Pleurapunctie
Als zich vocht ophoopt in de ruimte tussen het longvlies en het ribvlies, is het belangrijk om dit vocht te onderzoeken. Er wordt met een dunne naald tussen de ribben geprikt om het vocht te kunnen opzuigen (pleurapunctie). Omdat het meeste vocht zich vrijwel altijd aan de achterkant van een van de longen bevindt, wordt via de rug geprikt.

Een andere specialist, een patholoog, onderzoekt het vocht met een microscoop. Het is niet altijd mogelijk om aan de hand van het pleuravocht een diagnose te stellen.

Pleurabiopsie
Als het onderzoek van het pleuravocht onvoldoende informatie oplevert, wordt soms met een speciale naald een klein stukje borstvlies weggenomen. Dit onderzoek wordt een pleurabiopsie genoemd. Het stukje borstvlies wordt weggenomen nadat de huid en de ribben plaatselijk zijn verdoofd. Het verkregen weefsel wordt vervolgens verder onderzocht.

Thoracoscopie
Onder thoracoscopie wordt het kijken in de borstkasholte verstaan. Daarom wordt dit onderzoek ook wel een kijkoperatie genoemd. Eerst wordt de borstkas plaatselijk verdoofd. Vervolgens maakt de arts een kleine snede in de borstkas en plaatst hij een buisje in de opening. Door dit buisje kan de arts met een speciale kijker de borstkasholte onderzoeken. Ook kan hij door deze opening vocht uit de borstkas wegzuigen.

Bijna altijd worden er tijdens een thoracoscopie enkele stukjes borstvlies weggenomen voor verder onderzoek. Het wegnemen van deze stukjes weefsel kan pijnlijk zijn, omdat het borstvlies niet goed te verdoven is. Dit onderzoek kan ook onder algehele narcose plaatsvinden.

Na afloop van de thoracoscopie moet er enkele dagen een dunne slang in de borstkas achterblijven om het vocht weg te kunnen laten lopen. De long krijgt zo bovendien de gelegenheid om zich goed te ontvouwen.

Thoracotomie
Soms kunnen stukjes borstvliesweefsel alleen door middel van een operatie worden verkregen. Zo'n operatie wordt thoracotomie genoemd. De chirurg opent de linker- of rechterborstholte, onderzoekt deze en neemt wat weefsel weg voor nader onderzoek. Tijdens deze ingreep kan de chirurg eventueel een groter deel van het rib-en/of longvlies verwijderen. Dit kan de vochtophoping tussen de vliezen beperken.

Het kan bijzonder moeilijk zijn om op grond van microscopisch onderzoek van het pleuravocht en het borstvliesweefsel vast te stellen of er sprake is van borstvlieskanker. Daarom moet het vocht of het weefsel soms worden opgestuurd naar pathologen die hiermee veel ervaring hebben. Wanneer uw arts besluit om het vocht of weefsel voor onderzoek op te sturen, zal het enige tijd duren voordat de uitslag bekend is.

Verder onderzoek
Als uit het onderzoek is gebleken dat er inderdaad sprake is van borstvlieskanker, kan uw arts het noodzakelijk vinden om nog verder onderzoek te doen. Dit onderzoek is nodig om na te gaan of zich elders in het lichaam (uitzaaiingen) bevinden.

Echografie van de lever
Een echografie kan eventuele uitzaaiingen in de lever aantonen. Echografie is een onderzoek met behulp van geluidsgolven. Deze golven zijn niet hoorbaar, maar de weerkaatsing (echo) ervan maakt organen en/of weefsels zichtbaar op een beeldscherm.

Een eventuele tumor en/of uitzaaiingen kunnen zo in beeld worden gebracht. Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoektafel. Nadat op uw huid een gelei is aangebracht, wordt daarover een klein apparaat bewogen dat geluidsgolven uitzendt. De afbeeldingen op het beeldscherm kunnen op foto's worden vastgelegd.

Echografie is een eenvoudig, niet belastend onderzoek.