.

 

 

Beschrijving ontstaan
Een lymfklier is een samenkomen van vaten in het lymfvatenstelsel. Ze komen in het hele lichaam voor, vooral langs de grote bloedvaten en in lies en oksel. Normaal hebben lymfklieren de grootte van een boon. Ze dienen als afweerstation tegen infecties door organismen die zich bevinden in de lymfevloeistof en ook hebben ze een functie bij de productie en rijping van lymfocyten. Door deze functie bij de afweer raken ze zelf vaak ontstoken. Bij veel aandoeningen zwelt de lymfklier op. Als de lymfklier opzwelt zonder dat daar een duidelijk aanwijsbare oorzaak voor te vinden is, moet men bedacht zijn op een kwaadaardig gezwel van de lymfklier: de ziekte van Hodgkin of het non-Hodgkin lymfoom (Thomas Hodgkin was een Engelse arts die leefde van 1798 tot 1866).

 

Diagnose
De lymfklierbiopsie is bij de vaststelling van de ziekte van Hodgkin bepalend. Hierbij wordt een lymfklier of een stukje lymfklierweefsel weggenomen met een holle naald, met het doel het weefsel te onderzoeken en de ziekte te kunnen bevestigen en soms ook om een uitspraak te kunnen doen over de stadiëring (hoe ver de ziekte al gevorderd is).
Ook de medische voorgeschiedenis, het lichamelijk onderzoek, een röntgenfoto van de borstkas en onderzoek van bloed en urine helpen de diagnose vast te stellen. Als de diagnose eenmaal is gesteld, zal mogelijk aanvullend onderzoek moeten uitwijzen hoe ver de ziekte gevorderd is, welk stadium het betreft en wat de beste behandeling zou kunnen zijn. Beenmergbiopsie, CT-scan van buik en borst of een verkenningsoperatie van de buikholte kunnen nodig zijn.

 

Klachten en verschijnselen
De klachten die bij de ziekte van Hodgkin kunnen voorkomen zijn: pijnloze lymfklierzwellingen in de hals, onder de oksels of in de liezen, aanhoudende vermoeidheid, koorts en koude rillingen, nachtzweten, gewichtsverlies en verminderde eetlust, ernstige jeuk en algehele malaise.

 

Ernst en beloop
Zonder behandeling is de ziekte bijna altijd dodelijk. Geleidelijk worden steeds meer lymfklieren bij het proces betrokken. Met de huidige behandelingsmethoden is het echter zo dat 70% van de mensen die deze ziekte krijgen na tien jaar nog in leven zijn. Als het in een vroeg stadium wordt ontdekt zelfs 90%.
 

Behandeling
De huisarts moet worden bezocht als iemand de bovengenoemde klachten en verschijnselen heeft. Behalve de bovengenoemde klachten zijn alarmerende tekenen: plotselinge aanvallen van hoge koorts, incontinentie (van blaas of darm), een doof gevoel of krachtverlies in armen of benen. De behandeling zal waarschijnlijk bestaan uit bestraling of chemotherapie en soms een combinatie van beide.