.

 

 

Wat is nierkanker?
Nierkanker komt in Nederland weinig voor: ongeveer 1350 mensen per jaar treft deze ziekte. De ziekte komt het meeste voor tussen de leeftijd 60 en 75 jaar. Het komt 1.5 maal zo veel voor bij mannen in vergelijking met vrouwen.
 


Soorten
Er zijn verschillende soorten nierkanker:

het niercelcarcinoom, ook wel de Grawitz-tumor genoemd. Dit is de meest voorkomende vorm bij volwassen. Deze tumor ontstaat in de nierbuisjes, die deel uitmaken van de nefronen van de nier. Overgangsepitheelcarcinoom. Deze tumor ontstaat in het nierbekken en de urineleiders. Hetzelfde type tumor komt ook in de blaas voor. Het nefroblastoom ook wel bekend als de Wilms-tumor. Dit is een zeldzame tumorsoort voorkomend op jonge leeftijd. Deze tekst gaat enkel over het niercelcarcinoom.


Oorzaken
De oorzaken van nierkanker zijn nog onduidelijk. We weten inmiddels wel dat roken een groot risico vormt. Bij rokers zien we een risico dat twee tot drie keer zo hoog ligt om nierkanker te krijgen dan bij niet-rokers.

Nierkanker is niet besmettelijk en bijna alle gevallen ook niet erfelijk. Slechts van een klein aantal patiënten is bekend dat in de familie niercelkanker voorkomt. Er bestaan twee zeldzame erfelijke aandoeningen waaruit mogelijk niercelcarcinoom kan ontstaan:

Von Hippel Lindau syndroom
Hereditair Papillair Niercelcarcinoom
Als dit het geval is, zal de arts dit uitgebreid met u bespreken.

Stadium
Om aan te geven hoe ver de ziekte zich heeft ontwikkeld en eventueel uitgebreid, wordt een indeling in stadia gebruikt. Het stadium is nodig om de juiste behandeling te kiezen.
Dit heet stadiëring of uitgebreidheid van de ziekte. Nierkanker kan ingedeeld worden naargelang het stadium.
Het stadium wordt bepaald aan de hand van:
- de grootte van de tumor
- de mate van doorgroei in het omringende weefsel
- de aanwezigheid van uitzaaiingen in de lymfeklieren of in andere organen

Uitzaaiingen
Een tumor kan doorgroeien door het nierkapsel in het omringend weefsel. Dan kunnen cellen losraken en uitzaaien via het bloed of het lymfevocht. Er kunnen dan uitzaaiingen ontstaan in de lymfeklieren, de longen, de botten en de lever.

Behandeling van nierkanker
Nadat is geconstateerd dat het om kanker gaat, spreekt de arts met u de behandel-mogelijkheden door. In eerste instantie zijn behandelingen tegen kanker bedoeld om te genezen (curatieve behandelingen). De behandelingen kunnen ook met een ander doel gegeven worden, bijvoorbeeld als aanvullende behandeling of om klachten te bestrijden.

Het behandelplan wordt meestal opgesteld door specialisten met verschillende achtergronden, dit heet een multidisciplinair team. Zij maken hierbij gebruik van landelijke (en vaak internationale) richtlijnen. De behandeling wordt gekozen op basis van:
- het type kanker
- de grootte, plaats en groeiwijze van de tumor
- de mate van doorgroei in omringende weefsels en de eventuele uitzaaiingen
- uw algemene lichamelijke conditie en eventueel uw leeftijd
 

 

Behandelingsvormen die toegepast worden bij niercelcarcinoom zijn:
- operatie
- immunotherapie (behandeling ter versterking van de eigen afweer tegen tumorcellen)
- bestraling (radiotherapie)


Wanneer de behandeling gericht is op genezing van patiënt wordt gesproken over curatieve therapie. Indien vermindering van klachten wordt nagestreefd wordt gesproken van palliatieve behandeling.

Chemotherapie is vooralsnog weinig effectief gebleken bij niercelcarcinoom. Er zijn verschillende chemotherapeutica toegepast zonder veel resultaat.
 


Operatie
Vooralsnog is de verwijdering van het niercelcarcinoom de enige curatieve optie. De chirurg verwijdert naast de nierceltumor ook vaak omringende lymfeklieren. Soms kan volstaan worden met een gedeeltelijke verwijdering van de nier hetgeen de nierfunctie ten goede komt.

In de praktijk worden uitzaaiingen in de long soms operatief verwijderd. Dit zal vooral het geval zijn indien het een beperkt aantal metastasen is en nergens anders in het lichaam metastasen aanwezig zijn.
 


Immunotherapie
Bij deze vorm van behandeling wordt gebruik gemaakt van het eigen afweersysteem van de patiënt. Met behulp van deze immunotherapie wordt geprobeerd het afweersysteem te activeren. Momenteel wordt gebruik gemaakt van toedieningen met de biologische stof interferon en het middel interleukine, die van nature in kleine hoeveelheden in het lichaam voorkomen. Deze middelen zetten bepaalde typen lymfocyten (witte bloedcellen) aan tot het doden van tumorcellen.


Bijwerkingen van immunotherapie
- gevoel van lusteloosheid en vermoeidheid
- koude rillingen, hoge koorts
- misselijkheid en braken
- vochtophoping in lichaamsweefsels, bijvoorbeeld in longen of ledematen. Dit komt doordat vocht uit de bloedvaten gaat. Hierdoor kan de bloeddruk dalen.
Vanwege de bijwerkingen moet u, om deze vorm van immunotherapie te ondergaan, beslist een goede lichamelijke conditie hebben.

Bestraling
U kunt last hebben van pijn door uitzaaiingen in de botten. Dan kunnen de pijnlijke plekken bestraald worden om de pijn te verlichten. Meestal is een korte bestralingskuur voldoende. Vaak is er al na 14 dagen verbetering merkbaar.

Als de bestraling onvoldoende heeft geholpen, kunnen pijnstillers de pijn verminderen of draaglijk maken. Vaak gebeurt dit in samenwerking met specialisten van het pijnteam.